Ambulancecasuïstiek – herinneringen uit vijfentwintig jaar ambulancezorg

VAN PUK TOT VRIJHEID · AMBULANCECASUÏSTIEK

Herinneringen uit vijfentwintig jaar ambulancezorg

⚠ Waarschuwing – gevoelige inhoud

Deze pagina bevat persoonlijke herinneringen aan ernstige ongevallen, reanimaties, overlijden, zelfdoding en hulpverlening aan kinderen. De beschrijvingen kunnen confronterend zijn. Namen en herkenbare patiëntgegevens zijn weggelaten of geanonimiseerd. Het gaat om herinneringen uit mijn eigen loopbaan; na vele jaren kunnen details onvolledig of samengevat zijn.

Vijfentwintig jaar ambulancezorg laat beelden achter. Sommige inzetten verdwijnen naar de achtergrond. Andere blijven, ook na tientallen jaren, onverwacht scherp. Op deze pagina verzamel ik die casuïstiek afzonderlijk van het gewone levensverhaal. Niet om te choqueren, maar omdat zulke gebeurtenissen een belangrijk deel vormden van het vak en van wat het met mij deed.

Mijn eerste week – een kind in een vijver

In mijn eerste week op de ambulance kregen collega Fons Verstappen en ik een A1-melding voor een tweejarig kind dat in de vijver van de buren was terechtgekomen. Het water was maar enkele centimeters diep. Een hek dat eerder bescherming bood, was kort daarvoor weggehaald en het kind was even aan de aandacht ontsnapt.

Ter plaatse bleek hoe moeilijk hulpverlening aan een klein kind kan zijn. Toegang tot de luchtweg en een bloedbaan waren lastig. Toen een tweede ambulance arriveerde konden we meer doen en we gingen door met reanimeren. Het kind werd naar het ziekenhuis vervoerd.

Ik reed achter de andere ambulance aan met de vader naast me. Onderweg vertelde hij dat hij eerder al een kind had verloren. Ook deze keer liep het niet goed af. Ik had zelf jonge kinderen en was pas net aan dit werk begonnen. Die combinatie maakte dat deze inzet diep binnenkwam.

Hoog-energetisch trauma

Bij zware verkeersongevallen leerde ik al snel dat het uiterlijk van een patiënt weinig kan zeggen over wat er van binnen gebeurt. Iemand kan nog praten terwijl het ongevalsmechanisme reden geeft om rekening te houden met ernstig inwendig letsel. Snelheid, vervorming van een voertuig, de positie van het slachtoffer en kleine veranderingen in gedrag of circulatie kunnen belangrijker zijn dan een eerste rustige indruk.

Dat vooruitdenken werd een automatisme. Niet wachten tot een patiënt zichtbaar instort, maar proberen te begrijpen welke krachten op het lichaam hebben ingewerkt en wat daarvan de gevolgen kunnen zijn.

Beknellingen en arbeidsongevallen

Ook arbeidsongevallen maakten deel uit van het werk: mensen die bekneld raakten in of onder machines, voertuigen of zwaar materiaal. Zulke inzetten vroegen om samenwerking met brandweer, politie en soms technische hulpdiensten. Voor de patiënt leek tijd vaak stil te staan; voor de hulpverleners moest iedere stap juist zorgvuldig en in de goede volgorde gebeuren.

Ernstige bloedingen en aneurysma

Er waren patiënten bij wie een ernstige bloeding of een gescheurd aneurysma binnen minuten het verschil maakte tussen aanspreekbaar zijn en volledig instorten. Zulke gevallen maakten duidelijk hoe dun de grens soms is tussen ogenschijnlijke stabiliteit en levensgevaar.

Reanimaties

Reanimaties hoorden onvermijdelijk bij het vak. Jong en oud, thuis, op straat of op het werk. Je schakelt over op een protocol, verdeelt taken en probeert zo technisch mogelijk te handelen. Pas later komt het menselijke deel weer binnen: de partner in de deuropening, familie die wacht op een antwoord, of de stilte nadat je alles hebt gedaan wat mogelijk was.

Zelfdoding en de mensen die achterblijven

Ook zelfdodingen maakten deel uit van mijn werk. Voor de hulpverlening is er het medische en praktische deel, maar daaromheen staat vaak een familie of omgeving die van het ene op het andere moment met een werkelijkheid wordt geconfronteerd die nauwelijks te bevatten is. Dat zijn inzetten waarbij je niet alleen het slachtoffer ziet, maar ook de mensen die achterblijven.

Wat het met een hulpverlener doet

Als hulpverlener leer je functioneren. Je doet wat nodig is, ruimt op, drinkt koffie en rijdt soms kort daarna naar een volgende melding. Dat is deels professionaliteit en deels zelfbescherming.

Toch verdwijnen niet alle beelden. Ik heb weleens gezegd dat je als hulpverlener altijd een beetje slachtoffer bent. Niet omdat jouw ervaring gelijkstaat aan die van de patiënt of familie, maar omdat je telkens iets van hun ellende meeneemt. Over vele jaren stapelt dat zich op.

Daarom vind ik levenservaring belangrijk in de ambulancezorg. Het vak vraagt medische kennis en technische vaardigheid, maar ook het vermogen om met verdriet, agressie, paniek, dood en machteloosheid om te gaan zonder je menselijkheid kwijt te raken.


Deze pagina is een groeiend onderdeel van mijn levensverhaal. Ik voeg alleen casuïstiek toe die ik zelf heb beschreven of die ik uit mijn eigen aantekeningen voldoende betrouwbaar kan reconstrueren.

🌐 Taal / Language